Dit najaar gonst het overal van de burgerinitiatieven en sociale ondernemingen. Kleinschalig!, bottom-up!, do-it-yourself!, power to the people! Actieve burgers zorgen samen voor nieuwe antwoorden op de grote vraagstukken van vandaag. Voorlopig hoogtepunt van de buzz: de aflevering van Tegenlicht gisteren, over hoe coöperaties de energie-, verzekerings- en zorgmarkten overhoop gaan gooien. Ikzelf organiseer er een onderzoeksproject omheen: Expeditie Burger, in opdracht van Forum.

Dit weekend begon ook de promotie van het nieuwe boek van Louise Fresco (pdf), over de grote voedselvraagstukken. In alles wat zij erover vertelt klinkt de overtuiging door dat grootschalig werkt. In de Volkskrant schreef ze: met biologische landbouw hebben we zes keer zoveel ruimte nodig.

Het zijn twee tegenovergestelde geluiden. Waarbij Fresco de geschiedenis voorlopig aan haar kant heeft. Onze welvaart hebben we te danken aan schaalvergroting en centralisering. Van de landbouw, van het bestuur, van de verzorgingsstaat. En schaalvergroting is op dit moment ook de enige manier waarop grote delen van de wereld tot welvaart komen – weg uit de achterlijkheid van de kleine schaal. Lastig daarbij is natuurlijk dat wij westerlingen de externe effecten van onze groei hebben uitbesteed aan de rest van de wereld. Wie of wat gaan er opdraaien voor de nadelen van de welvaartsgroei die niet in het Westen plaats vindt? Da’s alvast een vraag waarop de DIY-trend geen antwoorden biedt.

Onze overvloed stelt ons, in Noordwest Europa, in staat om weer op zoek te gaan naar de kleine schaal, zoveel is duidelijk. Zonder technische snufjes als slimme meters geen ‘energierevolutie’. Onze overvloed – en de complexe wereld die erbij hoort – roept tegelijkertijd het romantische verlangen naar kleinschaligheid en zelfbeschikking op. En dat zijn artikelen waarin de nieuwe DIY-trend nou juist wel ruimschoots voorziet.

Zo zaten in de uitzending van Tegenlicht twee voorbeelden van geslaagd werken aan energie-onafhankelijkheid, ons eigen Texel en het Deense Samsø. Het is natuurlijk geen toeval dat het hier twee homogeen samengestelde agrarische eilanden betreft. Twee heterogene stadswijken, da’s andere koek. Mijn windmolen staat dan al snel in jouw uitzicht. Dat we niettemin zo graag twee groene, rustige, bescheiden eilanden omarmen als model voor een nieuw soort samenleving, duidt op het ongemak dat veel mensen hebben met hun grootsteedse weelde.

Een romantisch ideaal en technische snufjes. De grote vraag is of we daarmee voorlopig vooruit kunnen.

(Op de foto: het eigen windmolenpark van Samsø)

Advertenties