Op het Spui stond een kas. Een kleine – een praattafel met plaats voor vier, twintig stoeltjes publiek plus een platenspeler die Boudewijn de Groot en Lotte Lenya speelde. Maar het was genoeg, voor een vloeiend gesprek (‘debat’ = pfff) over de betekenis van burgerschap in tijden van overvloed en crisis. Ik trapte af met een aan mijn boek ontleende column. Daarna praatte ik met Chris Keulemans (Tolhuistuin & journalistiek & literatuur), Samuel Vriezen (Occupy & muziek & literatuur) en David van Reybrouck (G1000 & literatuur & nonfictie) verder over het verschil tussen activisme en burgerschap, over de opwinding van de consument en de Ausdauer van de burger, over post-burgers en het vertrouwen in de staat en over de jeuk die parasitaire democratie veroorzaakt. Ik zeg het niet vaak, maar deze is het naluisteren waard.

De foto, van Studio Dann: een beeld van de G1000, Van Reybroucks prachtige initiatief om de Belgische democratie beter te maken. Curiosite – voir se qui se passe. En zo is het.

Advertenties